State of the art in automobielhistorie
Achter het stuur van een echte klassieker
In de jaren vijftig en zestig stond Alfa Romeo zowel in techniek als snelheid aan de top. Het merk oogstte alom bewondering om z’n glamour. Een beetje filmster wilde wel in zo’n vuurrode open sportwagen worden gespot. Voor die tijd was de motor ook nog eens bijzonder efficiënt met brandstof.
Zoals het vandaag de dag bijzonder is in een Ferrari te rijden, kochten destijds de happy few die het zich konden veroorloven een Alfa Romeo. Geen enkele auto met een vergelijkbare motorinhoud kon aan het merk tippen. In de eenvoud van de motor schuilt enorm veel vakmanschap. Dat verklaart waarom de Giulietta en Giulia het nog altijd prima doen. Mits goed onderhouden kunnen de auto’s met gemak tot het einde van deze eeuw mee.
Schakelen, sturen, remmen
Voor wie nog nooit in een klassieke sportwagen heeft gereden, kan het even wennen zijn. Auto’s uit begin jaren zestig hebben geen stuur- of rembekrachtiging dus de bestuurder doet meer zelf dan in een moderne auto. Schakelen is ook echt schakelen. Pas als u de koppeling helemaal intrapt, kunt u van een naar twee en verder. Teruggaan van drie naar twee vraagt om dubbelklutsen. Dat wil zeggen: koppeling intrappen, pook in z’n vrij, opnieuw koppeling intrappen en dan pas terugschakelen. Voor de autoliefhebber is dit het ware rijden: actie met een scheutje avontuur.
Bewonderende blikken
Gelukkig zijn de binnenwegen in de Chianti zelfs in het hoogseizoen relatief rustig. Dat biedt ook mensen die minder ervaring hebben met oldtimers alle gelegenheid om aan de auto te wennen. Na de eerste paar kilometers heeft u het onder de knie. De Alfa ligt stevig op de weg en laat zich prima besturen. Bovendien trekt u met zo’n klassieker overal in Toscane bewonderende blikken, ook van Italianen. Met de wind in de haren en een arm losjes op het portier is het genieten geblazen. U hebt de Italiaanse manier van leven te pakken en voelt zich bijna ‘één van hen’.
Teamwork
Rijden in een Alfa doe je samen. Terwijl de bestuurder soepel de bochten rondt, volgt de bijrijder de aanwijzingen uit het roadbook. Op een plek met schilderachtig uitzicht stopt u even voor een foto. Dit is la dolce vita op z’n best; in een bijzonder staaltje automobielhistorie rijden door een land dat gemaakt lijkt te zijn voor schoonheid.